ECLI:NL:CRVB:2016:2484
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging indicatie ZZP GGZ-5C voor complexe psychiatrische problematiek
Appellante, bekend met complexe psychiatrische problematiek waaronder een ernstige dissociatieve stoornis en persoonlijkheidsstoornis, was geïndiceerd voor ZZP GGZ-5C. Na bezwaar en een medisch advies handhaafde het CIZ deze indicatie. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waarna appellante hoger beroep instelde met het verzoek tot indicatie voor ZZP GGZ-6C.
De Centrale Raad van Beroep oordeelde dat appellante wel procesbelang heeft omdat een inhoudelijk oordeel van de bestuursrechter relevant kan zijn voor toekomstige zorgaanvragen. De Raad vond geen aanwijzingen dat de indicatie voor ZZP GGZ-5C onvoldoende is of dat appellante medisch gezien recht heeft op ZZP GGZ-6C.
De Raad bevestigde dat de zorg die met ZZP GGZ-5C wordt geboden, in samenhang met zorg op grond van de Zorgverzekeringswet en andere wetten, passend is voor appellante. Het hoger beroep werd daarom ongegrond verklaard en de eerdere uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de indicatie voor ZZP GGZ-5C bevestigd.