Uitspraak
[appellant 2] te [woonplaats 2] (appellanten)
Centrale Raad van Beroep
De zaak betreft hoger beroepen van politieambtenaren tegen besluiten van de korpschef over hun omzetting naar functies binnen het Landelijk Functiegebouw Nederlandse Politie (LFNP).
De korpschef had de uitgangspositie van appellanten vastgesteld en hen vervolgens toegewezen aan de LFNP-functie Administratief Secretarieel Medewerker, salarisschaal 6. Appellanten voerden aan dat de matching niet conform de Regeling was uitgevoerd en dat de motivering van de besluiten ondeugdelijk was, mede vanwege de status van de transponeringstabel.
De Raad oordeelt dat de korpschef mag volstaan met verwijzing naar de transponeringstabel als grondslag voor de besluiten en dat appellanten onvoldoende aannemelijk hebben gemaakt dat de matching onjuist of onhoudbaar is. Ook is de motivering van de besluiten voldoende, zodat geen vergoeding van proceskosten wordt toegekend.
De Raad bevestigt daarmee de eerdere uitspraken van de rechtbank en verklaart de beroepen ongegrond.
Uitkomst: De hoger beroepen worden ongegrond verklaard en de aangevallen uitspraken bevestigd.