ECLI:NL:CRVB:2015:903
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging afwijzing bijstandsaanvraag wegens niet woonachtig op opgegeven adres
Appellanten hadden bijstand aangevraagd op grond van de Wet werk en bijstand (WWB), waarbij zij verklaarden te wonen op een bepaald adres. Het college van burgemeester en wethouders van Lansingerland stelde echter een onderzoek in vanwege een vermoeden dat appellanten niet op dat adres woonden. Dit onderzoek bestond uit administratief onderzoek, een huisbezoek en individuele verklaringen van appellanten.
Tijdens het huisbezoek was alleen de hoofdbewoner aanwezig, die toestemming gaf voor het binnentreden. De controleurs troffen nauwelijks persoonlijke bezittingen van appellanten aan en er was onduidelijkheid over hun slaapplaats. Appellanten verklaarden vaak elders te verblijven. Het college concludeerde daarom dat niet kon worden vastgesteld dat appellanten op het opgegeven adres woonden en wees de bijstandsaanvragen af.
De rechtbank verklaarde de beroepen van appellanten ongegrond en in hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad oordeelde dat het huisbezoek rechtmatig was, ook zonder “informed consent” van appellanten zelf, en dat het onderzoek voldoende grond bood voor de conclusie van het college. De Raad wees het beroep af en bevestigde de afwijzing van de bijstandsaanvragen.
Uitkomst: De Centrale Raad van Beroep bevestigt de afwijzing van de bijstandsaanvragen wegens onduidelijkheid over het woonadres.