ECLI:NL:CRVB:2015:4375
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vervolg financiële tegemoetkoming voor eigen autogebruik wegens vervoersbeperkingen
Appellante had bezwaar gemaakt tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Tytsjerksteradiel inzake haar vervoersvoorziening. Na een eerdere tussenuitspraak waarin een gebrek werd geconstateerd, heeft het college niet op deugdelijke wijze gemotiveerd hoe zij tegemoet zou komen aan de vervoersbeperkingen van appellante.
De Raad stelt vast dat appellante niet in staat is om te fietsen of langere afstanden te lopen, waardoor zij afhankelijk is van vervoer per auto. Hoewel zij een eigen auto gebruikt voor korte afstanden en voor langere afstanden een beroep doet op derden, is dit onvoldoende om te concluderen dat zij zelfredzaam is en geen compensatie behoeft.
Het college had ten onrechte gesteld dat collectief vervoer voor korte afstanden adequaat zou zijn en dat er geen compensatieplicht bestond omdat appellante haar vervoer zelf kan organiseren. De Raad vernietigt daarom het bestreden besluit en besluit zelf de financiële tegemoetkoming voor het gebruik van de eigen auto voort te zetten tot toekomstige wijziging.
Daarnaast veroordeelt de Raad het college tot vergoeding van de proceskosten van appellante, inclusief de betaalde griffierechten.
Uitkomst: De financiële tegemoetkoming voor het gebruik van de eigen auto van appellante wordt voortgezet en het bestreden besluit vernietigd.