ECLI:NL:CRVB:2015:4143
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling en herroeping functiebeschrijving Rijkswaterstaat medewerker na bezwaarprocedure
Betrokkene is sinds 1981 werkzaam bij Rijkswaterstaat en werd vanaf 1 januari 2006 aangesteld in een specifieke functie binnen de directie Limburg. In 2010 vond een nulmeting plaats waarbij het takenpakket over een jaar werd vastgelegd. Op 16 december 2010 werd de functie formeel beschreven en gewaardeerd, waarna betrokkene bezwaar maakte tegen deze beschrijving en waardering.
Na een uitgebreid bezwaar- en herzieningsproces, waarbij meerdere rapporten van het Expertisecentrum Formatie Advies (ECFA) en adviezen van de Commissie van Advies Bezwaren Functiewaardering (CABF) werden betrokken, werden besluiten genomen die het bezwaar ongegrond verklaarden. De rechtbank Limburg vernietigde deze besluiten echter en gaf appellant opdracht nieuwe besluiten te nemen met inachtneming van haar oordeel.
In hoger beroep stelt appellant dat de functiebeschrijving en waardering juist zijn, terwijl betrokkene aanvoert dat de functiebeschrijving onjuist is en de waardering te laag. De Raad oordeelt terughoudend over de waardering en bevestigt dat deze niet onhoudbaar is, maar vernietigt het besluit over de functiebeschrijving omdat deze niet overeenkomt met de gemaakte afspraken. De Raad herroept het oorspronkelijke besluit over de functiebeschrijving en stelt functiebeschrijving 2 vast als juiste beschrijving.
Daarnaast veroordeelt de Raad appellant in de proceskosten van betrokkene en bepaalt dat het griffierecht wordt geheven. De uitspraak is gedaan door een meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 19 november 2015.
Uitkomst: De functiebeschrijving wordt herroepen en functiebeschrijving 2 vastgesteld, terwijl de functiewaardering gehandhaafd blijft.