ECLI:NL:CRVB:2015:2634
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit CIZ en toekenning indicatie begeleiding in groepsverband
Appellante had bezwaar gemaakt tegen een besluit van het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) waarin werd vastgesteld dat zij geen recht had op begeleiding omdat behandeling voorliggend zou zijn. Na een tussenuitspraak van de Raad werd CIZ opgedragen het onderzoek en de motivering te verbeteren. Ondanks aanvullend medisch advies waarin werd gesteld dat naast behandeling ook begeleiding noodzakelijk is, handhaafde CIZ haar standpunt.
De Raad oordeelde dat het onderzoek van CIZ onvoldoende was en dat de motivering gebrekkig bleef. Het aanvullend medisch advies toonde aan dat appellante naast behandeling ook begeleiding nodig had om sociaal isolement te voorkomen. De Raad vernietigde daarom het bestreden besluit en verklaarde het beroep gegrond.
Vervolgens besloot de Raad zelf in de zaak te voorzien en stelde vast dat appellante voor de periode van 28 januari 2011 tot 29 mei 2012 recht heeft op een indicatie voor begeleiding in groepsverband, klasse 6. Tevens werd CIZ veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van 17 november 2011 wordt vernietigd en appellante krijgt een indicatie voor begeleiding in groepsverband klasse 6 toegekend.