ECLI:NL:CRVB:2015:1542
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit afwijzing bijstand wegens onduidelijkheid gezamenlijke huishouding
Appellant, met de Ghanese nationaliteit, vroeg bijstand aan op 23 mei 2013 en gaf op dat hij samenwoonde met een medebewoner op een adres in Amsterdam. Het college wees de aanvraag af op grond van een verklaring die appellant op 12 juni 2013 had afgelegd in het Engels, maar die in het Nederlands was opgetekend en door hem ondertekend. De verklaring suggereerde dat sprake was van een gezamenlijke huishouding met wederzijdse zorg.
Appellant voerde aan dat hij de Nederlandse verklaring niet begreep en dat de inhoud niet overeenkwam met wat hij in het Engels had gezegd. De Raad oordeelde dat de verklaring niet betrouwbaar was omdat er geen handgeschreven Engelse aantekeningen waren en appellant de Nederlandse taal onvoldoende machtig was. Hierdoor kon appellant niet aan de verklaring worden gehouden.
De Raad vernietigde de eerdere uitspraak van de voorzieningenrechter en het bestreden besluit van het college. Het college werd opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van deze uitspraak en zonodig nader onderzoek te verrichten. Tevens werd het college veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en griffierechten van appellant.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van bijstand wordt vernietigd.