ECLI:NL:CRVB:2014:471
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Herziening besluit bijstandsverlening omtrent giften en proceskosten
Appellanten vroegen bijstand aan op grond van de Wet werk en bijstand (WWB). Het dagelijks bestuur kende bijstand toe vanaf 1 maart 2010, maar weigerde deze over de periode daarvoor en trok de bijstand later in. De rechtbank vernietigde het besluit vanwege motiveringsgebreken en gaf opdracht tot een nieuw besluit.
In hoger beroep stelde appellant dat de ontvangen bedragen van € 3.250,- leningen waren, niet giften. De Raad oordeelde dat onvoldoende bewijs bestond voor een afdwingbare terugbetalingsverplichting, waardoor de bedragen als giften moesten worden aangemerkt. Het dagelijks bestuur had nagelaten te motiveren of deze giften uit bijstandsoogpunt verantwoord waren en hoe ze moesten worden toegerekend.
Verder werd geoordeeld dat de rechtbank ten onrechte geen proceskosten toewees voor het indienen van een zienswijze op het nieuwe besluit. De Raad vernietigde het besluit van 30 augustus 2012 wegens gebrekkige motivering en droeg het dagelijks bestuur op een nieuw besluit te nemen, waarbij de giften correct worden beoordeeld en toegerekend aan de maanden van ontvangst.
Uitkomst: Het besluit van 30 augustus 2012 wordt vernietigd en het dagelijks bestuur wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met correcte motivering over de giften en proceskostenveroordeling.