ECLI:NL:CRVB:2014:3319
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging terugvordering pgb na faillissement bemiddelingsbureau ondanks overdracht beheer
Appellante ontving een persoonsgebonden budget (pgb) van het Zorgkantoor voor individuele begeleiding. Zij droeg het beheer en de verantwoording van het pgb over aan het bemiddelingsbureau Raad & Daad, dat in december 2009 failliet ging. Het Zorgkantoor stelde op basis van de administratie van de curator een lager verantwoord bedrag vast en vorderde het teveel betaalde bedrag terug.
Appellante maakte bezwaar tegen de terugvordering en stelde dat het Zorgkantoor onzorgvuldig handelde door voorschotten aan Raad & Daad te betalen en onvoldoende rekening hield met de gevolgen van het faillissement. De rechtbank verklaarde het bezwaar ongegrond en ook in hoger beroep werd dit oordeel bevestigd.
De Raad overwoog dat de wettelijke regeling de verzekerde verantwoordelijk houdt voor de verantwoording van het pgb, ook indien het beheer is uitbesteed. Het Zorgkantoor had appellante ondersteund bij het opstellen van de verantwoording en de subsidievaststelling zorgvuldig uitgevoerd. Er was geen grond voor het oordeel dat het Zorgkantoor onzorgvuldig had gehandeld of dat het proces oneerlijk was verlopen.
Het hoger beroep werd verworpen en de terugvordering bevestigd. De Raad zag geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt afgewezen en de terugvordering van het pgb bevestigd.