ECLI:NL:CRVB:2013:BZ8062
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- M. Greebe
- J.S. van der Kolk
- K. Wentholt
- Rechtspraak.nl
Beoordeling dagloonvaststelling en starterstatus bij Ziektewetuitkering
Appellant werkte eind augustus 2009 een week en startte in februari 2010 een nieuwe arbeidsverhouding. Vanaf 12 juli 2010 was appellant ziek gemeld en kreeg ziekengeld gebaseerd op een dagloon van €53,26. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant tegen het besluit van het UWV ongegrond, omdat het dagloon correct was vastgesteld volgens het Besluit dagloonregels werknemersverzekeringen, waarbij rekening werd gehouden met de verdiensten vanaf 31 augustus 2009.
Appellant voerde in hoger beroep aan dat hij bij de aanvang van zijn nieuwe werkzaamheden in februari 2010 opnieuw als starter moest worden aangemerkt en dat het dagloon alleen op het inkomen uit die dienstbetrekking moest worden gebaseerd. Het UWV handhaafde het standpunt dat het dagloon juist was vastgesteld.
De Raad concludeerde dat artikel 6 van Pro het Besluit alleen ziet op personen die vanaf het begin tot en met de eerste volle maand van het refertejaar geen loon ontvingen, wat niet op appellant van toepassing is. Ook het beroep op artikel 9 van Pro het Besluit, dat betrekking heeft op meerdere dienstbetrekkingen, faalde. De Raad bevestigde daarmee de uitspraak van de rechtbank en wees het beroep van appellant af.
Uitkomst: Het beroep van appellant wordt ongegrond verklaard en het dagloon wordt bevestigd op €53,26.