ECLI:NL:CRVB:2012:BX6542
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- C.P.J. Goorden
- J. Riphagen
- A.I. van der Kris
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid
Appellante, lijdend aan de ziekte van Graves met bijkomende oogklachten, heeft sinds 1999 een gedeeltelijke WAO-uitkering ontvangen die in 2004 werd ingetrokken wegens minder dan 15% arbeidsongeschiktheid. Na haar ziekmelding in 2005 heeft het UWV vastgesteld dat zij geen recht heeft op een WIA-uitkering omdat zij per 18 juni 2007 minder dan 35% arbeidsongeschikt was.
Appellante voerde aan dat haar combinatie van klachten, waaronder vermoeidheid en migraine, haar ongeschikt maakte voor de maatgevende arbeid en de geselecteerde functies. Zij ondersteunde dit met medische brieven van haar internist-endocrinoloog en huisarts. Het UWV en de Raad oordeelden echter dat het verzekeringsgeneeskundig onderzoek zorgvuldig en volledig was en dat haar beperkingen niet werden onderschat.
De Raad concludeerde dat appellante geschikt is voor de maatgevende arbeid, mede op basis van een arbeidsdeskundig rapport. De medische verklaringen van na de datum in geding konden het oordeel niet wijzigen. De Raad bevestigde daarom het bestreden besluit en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van de WIA-uitkering wordt bevestigd.