ECLI:NL:CRVB:2010:BL2112
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Schadevergoeding wegens overschrijding redelijke termijn door UWV
Betrokkene stelde een verzoek tot schadevergoeding in wegens overschrijding van de redelijke termijn in de bezwaarprocedure tegen een besluit van het UWV. De Raad stelde vast dat de bezwaarprocedure ruim 16,5 maand duurde, waarbij de redelijke termijn van zes maanden met 10,5 maand werd overschreden.
Het UWV erkende de overschrijding en bood een vergoeding van €1.000 aan, welke door betrokkene werd geaccepteerd. Betrokkene vorderde aanvankelijk een hogere vergoeding van €2.000 en vergoeding van kosten voor fiscaal advies, maar de Raad beperkte de vergoeding tot de overschrijding van de redelijke termijn.
De Raad overwoog dat de behandeling van bezwaar in beginsel maximaal een half jaar mag duren en dat de overschrijding van ruim tien maanden voor rekening van het UWV komt. Gezien de omstandigheden achtte de Raad een vergoeding van €500 per half jaar passend, wat resulteert in €1.000. De vordering voor immateriële schade wegens geestelijk letsel en kosten voor fiscaal advies werden niet toegewezen.
Daarnaast veroordeelde de Raad het UWV tot betaling van de proceskosten van betrokkene ad €322. De uitspraak werd gedaan door de meervoudige kamer van de Centrale Raad van Beroep op 7 januari 2010.
Uitkomst: Het UWV is veroordeeld tot betaling van €1.000 schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn en €322 proceskosten.