ECLI:NL:CRVB:2009:BK7220
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- N.J. van Vulpen-Grootjans
- J.J.A. Kooijman
- N.M. van Waterschoot
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit postadres en vergoeding proceskosten in WWB-zaak
Appellant verzocht op 14 maart 2008 om verlenging van zijn postadres bij het College van burgemeester en wethouders van Almere. Het College stelde dit verzoek afhankelijk van medewerking aan een arbeidsmarkttoeleidingstraject. Na het uitblijven van een beslissing maakte appellant bezwaar, dat het College niet-ontvankelijk verklaarde omdat het postadres inmiddels was verstrekt.
De rechtbank verklaarde het beroep tegen dit besluit niet-ontvankelijk wegens het ontbreken van een procesbelang. Appellant stelde in hoger beroep dat het bezwaar onterecht niet-ontvankelijk was verklaard en dat het College het bezwaar inhoudelijk had moeten behandelen, mede vanwege zijn verzoek tot vergoeding van kosten van rechtsbijstand.
De Raad oordeelt dat appellant wel degelijk belang had bij beoordeling van het bezwaar en dat het College het bezwaar onterecht niet-ontvankelijk verklaarde. Het besluit van 30 juli 2008 wordt vernietigd, maar de rechtsgevolgen blijven in stand. Tevens veroordeelt de Raad het College tot vergoeding van de proceskosten van appellant, inclusief griffierecht, omdat de verleende rechtsbijstand beroepsmatig was en kosten in rekening werden gebracht.
De Raad verklaart het beroep wegens het uitblijven van een beslissing op bezwaar niet-ontvankelijk omdat het College het besluit inmiddels bekend heeft gemaakt. De uitspraak van de rechtbank wordt op deze punten vernietigd en het hoger beroep van appellant wordt gegrond verklaard.
Uitkomst: Het besluit van het College wordt vernietigd, het beroep tegen het uitblijven van een beslissing op bezwaar wordt niet-ontvankelijk verklaard, en het College wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten.