ECLI:NL:CRVB:2009:BK5098
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit weigering Wajong-uitkering wegens onvoldoende onderzoek bijzondere omstandigheden
Appellant, geboren met het syndroom van Down, verhuisde in 1997 met zijn ouders naar Costa Rica en keerde in 2007 terug naar Nederland. Het UWV weigerde hem een Wajong-uitkering omdat hij niet gedurende zes jaren voorafgaand aan zijn 17e verjaardag ingezetene was. De rechtbank vernietigde het besluit maar liet de rechtsgevolgen in stand.
De Raad oordeelt dat het UWV onvoldoende onderzoek heeft gedaan naar bijzondere omstandigheden, zoals het feit dat appellant in Nederland geboren is en dat zijn moeder vanwege praktische redenen niet eerder kon terugkeren. Dit had moeten leiden tot een afwijking van het beleid op grond van artikel 4:84 Awb Pro.
De Raad vernietigt het besluit volledig en beveelt het UWV een nieuw besluit te nemen, waarbij alle relevante omstandigheden zorgvuldig moeten worden meegewogen. Tevens veroordeelt de Raad het UWV tot betaling van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV tot weigering van de Wajong-uitkering wordt vernietigd en het UWV wordt opgedragen een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de bijzondere omstandigheden.