ECLI:NL:CRVB:2009:BH8257
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- R.M. van Male
- R.H.M. Roelofs
- H.C.P. Venema
- Rechtspraak.nl
Beoordeling termijnoverschrijding bij bezwaar tegen terugvordering bijstand
Appellanten hadden bezwaar gemaakt tegen een terugvordering van bijstand door het College van burgemeester en wethouders van Landgraaf. De rechtbank verklaarde het beroep niet-ontvankelijk wegens ontbrekend procesbelang en liet de vraag van termijnoverschrijding in het midden. De Raad oordeelt dat appellanten wel procesbelang hadden en dat de rechtbank ten onrechte het beroep niet-ontvankelijk verklaarde.
De Raad stelt vast dat de brief van 13 december 2005 van het College een besluit in de zin van de Awb is en dat deze brief deugdelijk bekend is gemaakt. Appellanten hebben geen adreswijziging doorgegeven, waardoor de termijn voor bezwaar op 24 januari 2006 eindigde. Het bezwaar van 21 februari 2006 is daardoor te laat ingediend.
De Raad vindt geen reden om de termijnoverschrijding te verontschuldigen en verklaart het bezwaar terecht niet-ontvankelijk. Het beroep tegen deze beslissing wordt ongegrond verklaard. De uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd en het College hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het bezwaar van appellanten is terecht niet-ontvankelijk verklaard wegens termijnoverschrijding; het beroep wordt ongegrond verklaard.