ECLI:NL:CRVB:2006:AX8837
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- G.J.H. Doornewaard
- J. Brand
- I.M.J. Hilhorst-Hagen
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep inzake omzetting studiefinanciering wegens afwijkend woonadres in GBA
Betrokkene had studiefinanciering aangevraagd als uitwonende student, maar gaf een woonadres door dat afweek van het adres waarop hij in de gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens (GBA) stond ingeschreven. Appellante, de Informatie Beheer Groep, zette de studiefinanciering om naar de norm voor een thuiswonende student omdat betrokkene deze afwijking niet binnen vier weken herstelde.
De rechtbank Leeuwarden oordeelde dat omzettingsbesluiten op grond van artikel 1.5, tweede lid, WSF 2000 als strafrechtelijke sancties ('criminal charge') moeten worden beschouwd en dat de toepassing ervan zonder mogelijkheid tot maatwerk in strijd is met het evenredigheidsbeginsel en artikel 6 EVRM Pro. De rechtbank vernietigde daarom het omzettingsbesluit.
De Centrale Raad van Beroep stelde in hoger beroep dat omzettingsbesluiten een zuiver reparatoir karakter hebben en niet als strafrechtelijke sancties kunnen worden aangemerkt. De Raad concludeerde dat de wetgever met artikel 1.5 WSF 2000 beoogde dat studiefinanciering afhankelijk is van correcte adresregistratie in de GBA, en dat bij afwijkingen de beurs wordt aangepast om een juiste toepassing van de wet te waarborgen.
De Raad oordeelde verder dat betrokkene redelijkerwijs verwijtbaar is dat hij de afwijking niet heeft hersteld en dat de waarschuwing van 13 november 2004 terecht is verzonden. Daarom is het omzettingsbesluit terecht genomen en moet het beroep van betrokkene ongegrond worden verklaard. De uitspraak van de rechtbank en het nadere besluit van 24 oktober 2005 worden vernietigd.
Uitkomst: Het beroep van betrokkene wordt ongegrond verklaard en het omzettingsbesluit blijft in stand.