ECLI:NL:CRVB:2002:AF1669
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Ch. van Voorst
- D.J. van der Vos
- Ch.J.G. Olde Kalter
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit niet-behandeling aanvraag AAW/WAO wegens weigering medisch onderzoek
Appellant had een aanvraag ingediend voor een AAW/WAO-uitkering. Het UWV besloot deze aanvraag niet te behandelen omdat appellant zich niet wilde onderwerpen aan een medisch onderzoek, ondanks herhaalde verzoeken. De Raad oordeelde dat het weigeren van medewerking aan het medisch onderzoek niet als een aan de aanvraag klevend, herstelbaar gebrek in de zin van artikel 4:5 van Pro de Awb kan worden beschouwd.
De rechtbank had het beroep van appellant tegen het uitblijven van een besluit op bezwaar ongegrond verklaard, maar de Centrale Raad van Beroep vernietigt deze uitspraak. De Raad stelt dat het bestuursorgaan onjuist heeft gehandeld door de aanvraag buiten behandeling te laten zonder eerst de wettelijke mogelijkheden te benutten om gevolgen te verbinden aan het niet verschijnen voor het medisch onderzoek.
Het besluit van 16 maart 1998, waarbij de aanvraag niet werd behandeld, wordt vernietigd. Tevens worden de inleidende beroepen niet-ontvankelijk verklaard en wordt appellant in het gelijk gesteld. Het UWV wordt veroordeeld tot betaling van proceskosten en vergoeding van het betaalde griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het UWV om de aanvraag niet te behandelen wegens weigering medewerking medisch onderzoek wordt vernietigd.