ECLI:NL:CBB:2024:901
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond verklaard tegen terugvordering subsidie vaste lasten COVID-19
De onderneming heeft beroep ingesteld tegen het besluit van de minister van Economische Zaken waarin de subsidie voor het vierde kwartaal van 2021 op grond van de Regeling subsidie vaste lasten financiering COVID-19 (TVL) werd vastgesteld op nul en het betaalde voorschot werd teruggevorderd.
De onderneming voerde aan dat de omzet voor de referentieperiode hoger moest zijn dan door de minister gehanteerd en dat een deel van de omzet over de subsidieperiode onterecht was meegenomen, omdat het abonnementsgelden betrof die voor een latere periode waren bestemd.
Het College oordeelde dat de minister wel degelijk is uitgegaan van het juiste omzetbedrag voor de referentieperiode en dat omzet die in de subsidieperiode is geïnd, ook als het om diensten voor een latere periode gaat, terecht is meegenomen bij de omzetberekening. Het beroep werd daarom kennelijk ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de onderneming tegen de terugvordering van de subsidie vaste lasten COVID-19 wordt ongegrond verklaard.