ECLI:NL:CBB:2022:255
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging randvoorwaardenkorting 3% voor onvoldoende bescherming schapen tegen hitte
De minister van Landbouw legde aan een schapenhouder een randvoorwaardenkorting van 3% op de EU-subsidie voor het jaar 2020 op, omdat 23 schapen niet beschermd waren tegen de hitte. Dit was vastgesteld in een rapport van de NVWA, waarin werd geconstateerd dat de schapen op een warme dag in een weiland zonder schaduw stonden en hittestress vertoonden.
De schapenhouder betwistte de korting en voerde onder meer aan dat er wel schaduw was, dat de schapen niet snel ademhaalden en dat de temperatuur lager was dan vastgesteld. Het College oordeelde echter dat het NVWA-rapport als bevoegde autoriteit betrouwbaar is en dat de aangeleverde foto's en stellingen onvoldoende onderbouwing boden om aan de juistheid te twijfelen.
Omdat er geen sprake was van opzet, maar wel van nalatigheid, was de standaardkorting van 3% terecht opgelegd. Het College erkende de goede bedoelingen van de schapenhouder, maar vond dat de overtreding voldoende was om de korting te handhaven.
Het beroep van de schapenhouder werd daarom ongegrond verklaard en de minister mocht de korting handhaven.
Uitkomst: Het beroep van de schapenhouder wordt ongegrond verklaard en de randvoorwaardenkorting van 3% blijft gehandhaafd.