ECLI:NL:CBB:2018:239
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Hoger beroep
- R.R. Winter
- E.R. Eggeraat
- H.O. Kerkmeester
- Rechtspraak.nl
Beoordeling hoger beroep inzake derogatie-aanmelding en boete Meststoffenwet 2013
Appellante exploiteert een melkveehouderij en stelde zich in hoger beroep tegen boetes en subsidiesancties opgelegd wegens overtreding van de Meststoffenwet (Msw) in 2013. Centraal stond de vraag of appellante zich tijdig had aangemeld voor derogatie, waardoor een verruimde gebruiksnorm voor dierlijke meststoffen zou gelden.
De rechtbank oordeelde dat appellante geen digitale ontvangstbevestiging had ontvangen voor de aanmelding derogatie 2013, waardoor de aanmelding niet aannemelijk was. Ook werd vastgesteld dat perceel 35 niet als landbouwgrond kon worden aangemerkt vanwege zandafgraving en beperkte graslandfunctie. De minister had daarom terecht een boete opgelegd wegens overschrijding van de meststofgebruiknormen.
Het College stelde vast dat de rechtbank terecht de boete handhaafde en de aanmelding derogatie niet aannam, mede omdat appellante geen bewijs leverde van een storing in het digitale systeem. Tevens werd geoordeeld dat de rechtbank onbevoegd was om te oordelen over het beroep tegen de GLB-subsidiekorting, wat het College zelf in eerste aanleg zal behandelen. Het hoger beroep van appellante werd afgewezen en de aangevallen uitspraak bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep van appellante wordt afgewezen en de boete wegens overtreding Meststoffenwet 2013 wordt bevestigd.