ECLI:NL:CBB:2016:237
College van Beroep voor het bedrijfsleven
- Eerste aanleg - meervoudig
- A. Venekamp
- H.N. van Gijn
- E.J.M. Heijs
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen randvoorwaardenkorting wegens niet tijdig inzaaien vanggewas op zandgrond
Appellante, een landbouwbedrijf, heeft voor 2013 rechtstreekse betalingen aangevraagd. Bij controle door de NVWA is vastgesteld dat op percelen gelegen op zandgrond na de oogst van mais geen vanggewas was ingezaaid binnen de vereiste termijn, wat een overtreding van artikel 8a van het Besluit gebruik meststoffen opleverde.
Verweerder legde daarom een randvoorwaardenkorting van 3% op. Appellante betoogde overmacht vanwege natte omstandigheden en stelde dat de overtreding later was hersteld door alsnog inzaai van een vanggewas eind november. Tevens voerde zij aan dat de controleur onjuiste waarnemingen had gedaan en dat zij niet tijdig was geïnformeerd over meldingsverplichtingen.
Het College oordeelde dat het beroep op overmacht faalt omdat melding van overmacht binnen tien werkdagen verplicht is en appellante dit niet heeft gedaan. Ook is de overtreding niet van gering belang vanwege het risico op nitraatuitspoeling, waardoor de reguliere korting van 3% terecht is opgelegd. Het beroep wordt ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen de randvoorwaardenkorting van 3% wegens het niet tijdig inzaaien van een vanggewas wordt ongegrond verklaard.