Uitspraak
COLLEGE VAN BEROEP VOOR HET BEDRIJFSLEVEN
Uitspraak van de meervoudige kamer van 5 oktober 2015 in de zaak tussen
[naam 1] , te [plaats] , appellant
de staatssecretaris van Economische zaken, verweerder
Procesverloop
Overwegingen
,althans dit is niet aangetoond. Chippen is geen garantie tegen fraude. Met de huidige stand van de techniek en beveiligde opslag van gegevens zijn de beschikbare alternatieve methodes minstens zo betrouwbaar. Appellant heeft ook, samen met anderen, een betrouwbaar alternatief uitgewerkt waarmee dezelfde garanties worden geboden. Artikel 12 van Pro Verordening (EG) 504/2008 van de commissie van 6 juni 2008 ter uitvoering van de Richtlijnen 90/426/EEG en 90/427/EEG van de Raad wat betreft methoden voor de identificatie van paardachtigen (Verordening 504/2008) biedt de mogelijkheid om alternatieven toe te staan. Dit betreft ook nieuwe alternatieven en niet slechts de mogelijkheid de reeds voor invoering van de chipmethode bestaande identificatiemethoden te handhaven. Ter onderbouwing van dit standpunt heeft appellant een brief van de Europese Commissie overgelegd waarin deze ingaat op de identificatie en registratievoorschriften volgens Verordening (EG) 504/2008. Appellant wijst er daarnaast op dat op 1 januari 2016 Uitvoeringsverordening (EU) 2015/262 van de Commissie