ECLI:NL:RVS:2026:327
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling leeftijdsschouw en geboortedatum bij aanvraag verblijfsvergunning asiel
Appellant heeft beroep ingesteld tegen de beslissing van de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd te verlenen met de geboortedatum 1 juni 2002. De kern van het geschil betreft de juistheid van deze geboortedatum en de beoordeling van de leeftijdsschouw die door AVIM en IND is uitgevoerd.
De Raad van State overweegt dat de leeftijdsschouwen onvoldoende zorgvuldig, inzichtelijk en concludent zijn uitgevoerd, omdat de observaties niet duidelijk zijn verbonden aan de conclusies over twijfel aan de opgegeven leeftijd. Hierdoor had de minister deze schouwen niet mogen betrekken bij haar standpunt over de leeftijd van appellant.
Desondanks mocht de minister nader onderzoek doen, wat zij heeft gedaan door verificatie bij de Griekse autoriteiten. Deze bevestigden de geboortedatum 1 juni 2002. De minister heeft het vermoeden van minderjarigheid ontzenuwd door te wijzen op de geloofwaardigheid van de Griekse registratie en het ontbreken van aannemelijke redenen voor appellant om de geboortedatum in Nederland anders op te geven. De Raad van State bevestigt de uitspraak van de rechtbank die het besluit van de minister in stand liet.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat de minister terecht is uitgegaan van de geboortedatum 1 juni 2002 en verklaart het hoger beroep ongegrond.