ECLI:NL:RVS:2025:4233
Raad van State
- Hoger beroep
- E.J. Daalder
- N.H. van den Biggelaar
- M.M. Kaajan
- Rechtspraak.nl
Vermindering boete voor onrechtmatig in gebruik geven woning zonder huisvestingsvergunning
Het college van burgemeester en wethouders van Den Haag legde aan appellante een boete van €10.000 op voor het in gebruik geven van een woning zonder vereiste huisvestingsvergunning. Inspectie op 15 juni 2022 toonde dat meerdere personen de woning bewoonden zonder vergunning. Appellante, als beheerder, werd als overtreder aangemerkt en boete opgelegd.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellante ongegrond, maar appellante ging in hoger beroep. Zij betoogde dat zij niet de overtreder was omdat een andere entiteit de woning in gebruik gaf en dat de boete niet proportioneel was. De Afdeling oordeelde dat appellante door haar actieve rol en vertegenwoordiging de overtreding kon worden toegerekend en bevestigde de bevoegdheid van het college om meerdere boetes op te leggen aan verschillende overtredders.
De Afdeling mat de boete echter vanwege de beperkte ernst van de overtreding en het feit dat alsnog een huisvestingsvergunning was verleend. De boete werd gehalveerd tot €5.000. Tevens werden de proceskosten en griffierecht aan appellante toegekend. Het hoger beroep werd gegrond verklaard en de eerdere uitspraak vernietigd.
Uitkomst: De boete wordt gematigd van €10.000 naar €5.000 en het hoger beroep wordt gegrond verklaard.