ECLI:NL:RVS:2025:3141
Raad van State
- Hoger beroep
- J.F. de Groot
- A.B. Blomberg
- M. den Heyer
- Rechtspraak.nl
Bevestiging weigering compensatie kinderopvangtoeslag wegens ontbreken aanvraag en geen hardheid stelsel
Appellante verzocht herbeoordeling van haar recht op kinderopvangtoeslag over 2013 en 2014. De Dienst Toeslagen weigerde compensatie toe te kennen, wat door de rechtbank werd bevestigd. De terugvordering over 2014 was een reguliere correctie vanwege minder afgenomen opvanguren.
Appellante stelde dat zij wel degelijk geprobeerd had een aanvraag te doen, maar dit werd verhinderd door de Dienst Toeslagen, en dat zij onterecht als fraudeur was aangemerkt. De Raad van State oordeelde dat uit de beschikbare systemen geen aanvraag bleek en appellante geen bewijs leverde van pogingen tot aanvraag. Ook werd geen sprake geacht van institutionele vooringenomenheid.
Verder stelde appellante dat zij geen persoonlijke betalingsregeling kreeg, wat tot schulden leidde. De Raad van State stelde vast dat zij geen schriftelijk verzoek tot zo'n regeling had ingediend, waardoor geen hardheid van het stelsel kon worden aangenomen.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het hoger beroep ongegrond en bevestigde het eerdere oordeel dat geen compensatie wordt toegekend. De Dienst Toeslagen hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de weigering van compensatie wordt bevestigd.