ECLI:NL:RVS:2025:1731
Raad van State
- Hoger beroep
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek overkomst Nederland voormalige bewaker Afghan Security Guard
De appellant, een voormalige bewaker van Afghan Security Guard voor de Nederlandse krijgsmacht in Uruzgan, heeft verzocht om overkomst naar Nederland met zijn gezin. De minister van Buitenlandse Zaken wees dit verzoek af, omdat de appellant niet viel onder de speciale voorziening die geldt voor twee groepen vreemdelingen en zijn hulpverzoek na de uiterste datum van 11 oktober 2021 was ingediend.
De rechtbank vernietigde het besluit, maar handhaafde de rechtsgevolgen. De appellant ging in hoger beroep, stellende dat de termijn onredelijk was en dat hij vanwege het gevaar voor voormalige bewakers in Afghanistan bijzondere omstandigheden had. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het beleid niet in strijd is met het evenredigheidsbeginsel en dat er geen bijzondere omstandigheden waren die een uitzondering rechtvaardigen.
Verder werd het beroep op het gelijkheidsbeginsel verworpen omdat het bestuursorgaan geen ambtelijke misslag hoeft te herhalen. Ook het beroep op het vertrouwensbeginsel faalde omdat er geen specifieke toezeggingen aan appellant waren gedaan. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de afwijzing van het verzoek om overkomst wordt bevestigd.