ECLI:NL:RVS:2024:4637
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Sevenster
- Rechtspraak.nl
Hoger beroep niet-ontvankelijk wegens alsnog in behandeling nemen asielaanvraag
De vreemdeling had een aanvraag ingediend voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd, welke door de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid op 18 juni 2024 niet in behandeling werd genomen. De vreemdeling stelde hiertegen beroep in bij de rechtbank Den Haag, die dit beroep op 22 juli 2024 ongegrond verklaarde. Vervolgens stelde de vreemdeling hoger beroep in bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Tijdens het hoger beroep nam de minister de asielaanvraag alsnog in behandeling. Hierdoor had de vreemdeling geen belang meer bij een inhoudelijke beoordeling van het hoger beroep, aangezien het doel van het hoger beroep, namelijk behandeling van de aanvraag, was bereikt. De Raad van State verwees hierbij naar eerdere jurisprudentie waarin eenzelfde situatie werd beoordeeld.
De Afdeling bestuursrechtspraak verklaarde het hoger beroep niet-ontvankelijk en wees een verzoek om proceskostenvergoeding af, omdat de minister niet aan de vreemdeling was tegemoetgekomen maar de aanvraag door tijdsverloop alsnog in behandeling was genomen. De uitspraak werd gedaan door de enkelvoudige kamer, onder voorzitterschap van H.G. Sevenster, op 14 november 2024.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de asielaanvraag alsnog in behandeling is genomen.