ECLI:NL:RVS:2023:3215
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging schadevergoeding voor mijnbouwschade aan monumentale boerderij in Wildervank
Appellant is eigenaar van een monumentale boerderij in Wildervank die schade heeft opgelopen door mijnbouwactiviteiten. Het Instituut Mijnbouwschade Groningen kende hem een vergoeding toe voor herstelkosten, bijkomende kosten en wettelijke rente. Appellant maakte bezwaar tegen de hoogte en wijze van vergoeding, met name over de toegepaste herstelmethodieken en kostenberekening.
De rechtbank verklaarde het beroep van appellant ongegrond. Appellant stelde hoger beroep in bij de Raad van State, die de zaak op 8 mei 2023 behandelde. De Afdeling bestuursrechtspraak toetste of het Instituut terecht het uniforme calculatiemodel hanteerde en of de herstelmethoden voldoende waren om de boerderij terug te brengen in de toestand van voor het ontstaan van de schade.
De Raad van State oordeelde dat de herstelmethoden en kostenberekeningen van de deskundigen toereikend zijn en niet leiden tot een betere toestand dan voorheen. De adviezen van appellant die verder gingen dan herstel werden niet gevolgd. Ook werden kosten voor herstelplan en omgevingsvergunning niet toegewezen wegens onvoldoende onderbouwing. De toegekende vergoeding voor vertraging werd als ruimhartig beoordeeld. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en het besluit tot schadevergoeding wordt bevestigd.