ECLI:NL:RVS:2022:76
Raad van State
- Hoger beroep
- A. ten Veen
- G.T.J.M. Jurgens
- P.H.A. Knol
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke vernietiging last onder dwangsom wegens onjuiste kwalificatie slakputten als opslag
Harsco exploiteert een inrichting waar slakken van Tata Steel worden verwerkt in slakputten. Het college van gedeputeerde staten van Noord-Holland legde Harsco meerdere last onder dwangsom op wegens overtreding van voorschrift 4.2.4 van de omgevingsvergunning, dat stofemissie bij opslag beperkt. Harsco betoogde dat slakputten geen opslag zijn maar onderdeel van het productieproces (installaties), waardoor het voorschrift niet van toepassing is.
De rechtbank verklaarde de beroepen van Harsco ongegrond, maar de Raad van State oordeelde anders. Uit de gedetailleerde beschrijving van de putcyclus blijkt dat de slakputten een integraal onderdeel vormen van het productieproces, met specifieke handelingen zoals het koelen met water en stoom, en een volcontinu proces van vullen, koelen en leegmaken. Ook uit de vergunningaanvraag en voorschriften blijkt dat de slakputten als installaties worden beschouwd.
Daarom is het voorschrift 4.2.4 niet van toepassing op het kiepen van slakken in de slakputten en was het college niet bevoegd handhavend op te treden op basis van dat voorschrift. De Raad van State vernietigt de handhavingsbesluiten en de invorderingsbesluiten van dwangsommen. Het college moet proceskosten vergoeden. Het oordeel betekent niet dat stofverspreiding onbeperkt mag plaatsvinden; andere voorschriften blijven van toepassing.
Uitkomst: De handhavingsbesluiten en invorderingsbesluiten worden vernietigd omdat de slakputten als installaties gelden en het relevante voorschrift niet van toepassing is.