ECLI:NL:RVS:2022:708
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging vergunning dakopbouw ondanks bezwaar buren wegens woon- en leefklimaat
Het college van burgemeester en wethouders van Haarlem verleende op 18 juni 2019 een omgevingsvergunning voor een dakopbouw en het recht optrekken van de achtergevel op een perceel in Haarlem. Buren, appellanten, maakten bezwaar tegen deze vergunning vanwege aantasting van hun woon- en leefklimaat. De rechtbank verklaarde hun beroepen ongegrond, waarna zij hoger beroep instelden bij de Raad van State.
De Raad van State oordeelde dat het college bevoegd was om af te wijken van het bestemmingsplan op grond van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en het Besluit omgevingsrecht. Het recht optrekken van de achtergevel werd gezien als een gelijksoortige uitbreiding die onder de vergunningverlening valt. Het college had het stedenbouwkundig advies als onderbouwing gebruikt, dat de belangenafweging ondersteunde.
De bezwaren van de appellanten over privacy, bezonning en uitzicht werden onderzocht. Hoewel het uitzicht van een van de appellanten werd verminderd, was dit niet zodanig onevenredig dat de vergunning geweigerd had moeten worden. Ook het verlies aan bezonning en ruimtegevoel werd als beperkt beoordeeld. De Raad van State bevestigde daarom de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het hoger beroep ongegrond.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning voor de dakopbouw wordt bevestigd.