ECLI:NL:RVS:2022:3362
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- H.J.M. Baldinger
- J.J.W.P. van Gastel
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank en ongegrond verklaring beroep in asielzaak over geloofwaardigheid seksuele gerichtheid
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid wees op 10 maart 2021 de aanvraag van de vreemdeling om een verblijfsvergunning asiel af. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit. De staatssecretaris stelde hoger beroep in. De vreemdeling, afkomstig uit Oeganda, stelde dat zij vanwege haar seksuele gerichtheid vervolging en ernstige schade riskeert.
De Afdeling oordeelde dat de rechtbank ten onrechte het besluit van de staatssecretaris vernietigde. De rechtbank had onvoldoende rekening gehouden met tegenstrijdigheden in de verklaringen van de vreemdeling over het bewustwordingsmoment van haar seksuele gerichtheid, de kennis van haar ouders en de aard van haar relaties. De Afdeling stelde vast dat de staatssecretaris terecht de geloofwaardigheid van de vreemdeling in twijfel trok.
Verder concludeerde de Afdeling dat de staatssecretaris niet verplicht was om aanvullende informatie bij het COA op te vragen over de leefsituatie van de vreemdeling. De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond. De staatssecretaris hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank vernietigd.