ECLI:NL:RVS:2022:2112
Raad van State
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning voor vijfsterren-plus hotel in Maastricht
Het college van burgemeester en wethouders van Maastricht verleende op 31 oktober 2019 een omgevingsvergunning voor de bouw van een nieuw vijfsterren-plus hotel aan twee locaties in Maastricht. Na een eerdere uitspraak van de rechtbank die het beroep van verzoeker ongegrond verklaarde, stelde verzoeker hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om onomkeerbare gevolgen te voorkomen.
De voorzieningenrechter oordeelde dat er een spoedeisend belang bestond, maar dat de bezwaren van verzoeker, waaronder een vermeende schending van milieuregelgeving, onvoldoende waren onderbouwd. Zo werd vastgesteld dat het bouwplan een stedelijk ontwikkelingsproject betrof waarvoor een vormvrije m.e.r.-beoordeling was verricht en dat het college tijdig had beslist dat geen milieueffectrapport nodig was.
Verder werden de bezwaren over de behoefte aan het hotel, de naleving van de Omgevingsverordening Limburg 2014, en de vermeende privaatrechtelijke belemmeringen niet gegrond verklaard. Ook de aantasting van het woon- en leefklimaat, waaronder bezonningsstudies, privacy, geluidsoverlast en parkeernormen, werden door de voorzieningenrechter als aanvaardbaar beoordeeld. De wijziging van het bouwplan in 2021 werd als van ondergeschikte aard beschouwd.
Gelet op deze overwegingen werd het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening afgewezen en het college werd niet verplicht proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning voor het hotel is afgewezen.