ECLI:NL:RVS:2022:1766
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging weigering omgevingsvergunning nieuwbouwcomplex Amsterdam wegens strijd met zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel
C.V. Jan Pieter Heijestraat en anderen vroegen een omgevingsvergunning aan voor een nieuwbouwcomplex met een appartementenhotel, winkels en een café-restaurant in Amsterdam. Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam weigerde deze vergunning op 25 november 2020, omdat het bouwplan niet in overeenstemming zou zijn met het gewijzigde hotelbeleid dat een hotelstop op de locatie voorschrijft.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat het bouwplan onder de overgangsregeling van het oude hotelbeleid valt, omdat gerechtvaardigd vertrouwen is gewekt dat het oude beleid zou worden toegepast. Dit blijkt onder meer uit het feit dat het bouwplan als lopend project is opgenomen in de hotelstrategie en dat het college de vergunning eerder heeft bekrachtigd. Het college heeft ten onrechte de vergunning geweigerd op grond van het nieuwe beleid.
De Raad van State vernietigt het besluit van 25 november 2020 wegens strijd met het zorgvuldigheids- en motiveringsbeginsel en draagt het college op binnen 16 weken een nieuw besluit te nemen. Het beroep van de Huurdersvereniging wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens gebrek aan procesbelang. Het college wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan C.V. Jan Pieter Heijestraat en anderen.
Uitkomst: Het besluit van 25 november 2020 wordt vernietigd en het college moet binnen 16 weken een nieuw besluit nemen.