ECLI:NL:RVS:2020:215
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit omgevingsvergunning nieuwbouwcomplex Amsterdam wegens onvoldoende motivering parkeer- en verkeersveiligheidsonderzoek
De zaak betreft een hoger beroep tegen het besluit van het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam om een omgevingsvergunning eerste fase te verlenen voor de realisatie van een nieuwbouwcomplex met een appartementenhotel, detailhandel en horeca op een locatie in Amsterdam.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelt dat het college in het herstelbesluit niet toereikend heeft gemotiveerd waarom is uitgegaan van de minimale parkeerbehoefte terwijl een bandbreedte was vastgesteld. Tevens is het parkeeradvies in strijd met het parkeerbeleid van Amsterdam omdat het niet voorziet in een maatwerkoplossing voor de significante extra parkeerclaim. Ook is het verkeersveiligheidsonderzoek onvoldoende omdat het niet alle relevante verkeersstromen heeft onderzocht en onjuiste aannames bevat.
De Raad van State verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt de bestreden besluiten en bepaalt dat het college opnieuw moet beslissen. Tevens wordt het college veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht aan de appellanten.
De uitspraak benadrukt het belang van een zorgvuldige en volledige motivering bij besluiten over omgevingsvergunningen, met name waar het gaat om parkeer- en verkeersveiligheidsaspecten bij omvangrijke bouwprojecten.
Uitkomst: Het besluit van het college van B&W Amsterdam wordt vernietigd wegens onvoldoende motivering van parkeer- en verkeersveiligheidsonderzoek en het college moet opnieuw besluiten.