ECLI:NL:RVS:2021:733
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- J.Th. Drop
- W. den Ouden
- Rechtspraak.nl
Vernietiging bestuurlijke boete en matiging wegens onrechtmatige exploitatie bed & breakfast
Het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam legde aan appellanten een bestuurlijke boete van €20.500,- en een last onder bestuursdwang op wegens het exploiteren van een zelfstandige woonruimte op de tweede verdieping als bed & breakfast, in strijd met artikel 21 van Pro de Huisvestingswet 2014 en het bestemmingsplan.
Appellanten voerden aan dat de tweede verdieping geen zelfstandige woonruimte meer was, omdat deze was samengevoegd met de derde en vierde verdieping, en dat de boete onevenredig hoog was. De rechtbank wees hun beroepen af, maar in hoger beroep oordeelde de Afdeling dat de tweede verdieping wel als zelfstandige woonruimte moet worden aangemerkt op basis van de feitelijke situatie en aanwezige voorzieningen.
De Afdeling verwierp het verweer dat artikel 3.1.2, vierde lid, van de Huisvestingsverordening onverbindend is, maar matigde de boete vanwege het ontbreken van blijvend negatief effect op de woonruimtevoorraad en doorstroming, mede omdat appellanten inmiddels over een vergunning beschikken.
De boete werd vastgesteld op €10.250,00, het hoger beroep gegrond verklaard, en het besluit van het college van 3 augustus 2018 vernietigd. Tevens werden proceskosten aan appellanten toegekend.
Uitkomst: De bestuurlijke boete wordt vernietigd en gematigd tot €10.250,00; het hoger beroep wordt gegrond verklaard.