ECLI:NL:RVS:2021:567
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- N. Verheij
- A.J.C. de Moor-van Vugt
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit intrekking subsidie Investeringspremieregeling Noord-Nederland wegens onvoldoende motivering
Het dagelijks bestuur van Samenwerkingsverband Noord-Nederland trok bij besluit van 22 december 2016 een subsidie in die was verleend aan [wederpartij] op grond van de Investeringspremieregeling Noord-Nederland 2008 (IPR 2008). Het bestuur meende dat het oprichten van Spare Parts & Services B.V. (SP&S) geen vestigingsproject betrof omdat SP&S geen specifiek eigen markt bediende ten opzichte van haar zusteronderneming D-Tag en dat de subsidiabele kosten onvoldoende waren vastgesteld.
De rechtbank verklaarde het beroep van [wederpartij] gegrond en vernietigde het besluit wegens onvoldoende motivering van het bestuur over het marktbegrip en de subsidiabele kosten. Het bestuur stelde hoger beroep in, maar dit werd door de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State ongegrond verklaard. De Afdeling oordeelde dat SP&S wel degelijk een eigen markt bedient en dat het bestuur onvoldoende heeft aangetoond dat de subsidiabele kosten onder de drempel van € 500.000 liggen.
Daarnaast werd het hoger beroep van het bestuur ontvankelijk verklaard na overlegging van een procesbesluit. Het bestuur werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten. De Afdeling vernietigde het besluit van 17 september 2019 waarin het bezwaar van [wederpartij] opnieuw ongegrond werd verklaard en beval het bestuur een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.
Uitkomst: Het besluit van 17 september 2019 wordt vernietigd en het dagelijks bestuur dient een nieuw besluit te nemen met inachtneming van de uitspraak.