Uitspraak
Datum uitspraak: 10 maart 2021
BESTUURSRECHTSPRAAK
griffier
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Raad van State
De zaak betreft een beroep tegen een besluit van het Erasmus MC op een Wob-verzoek dat door de overledene was ingediend. Na het overlijden van de verzoeker heeft diens erfgenaam het beroep voortgezet. De Afdeling bestuursrechtspraak heeft overwogen dat het recht om een Wob-verzoek in te dienen en informatie te ontvangen niet tot de voor overgang vatbare rechten behoort.
Daarnaast is vastgesteld dat de erfgenaam niet in zijn nieuwe hoedanigheid als voorzitter van betrokken stichtingen de procedure kan voortzetten, noch dat deze stichtingen als belanghebbenden kunnen worden aangemerkt. Ook een aanspraak op immateriële schadevergoeding wegens overschrijding van de redelijke termijn is niet voor overgang vatbaar omdat niet tijdig mededeling is gedaan.
Daarom is het beroep van de erfgenaam niet-ontvankelijk verklaard. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. De uitspraak bevestigt dat het procesbelang bij overlijden van de verzoeker vervalt en niet automatisch op de erfgenaam overgaat.
Uitkomst: Het beroep van de erfgenaam is niet-ontvankelijk verklaard omdat het procesbelang niet op hem overgaat.