ECLI:NL:RVS:2021:1687
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over niet-ontvankelijkheid bezwaar verwerking persoonsgegevens universiteit
Appellant verzocht het college van bestuur van de Universiteit Utrecht om uitsluitsel over een vermeende overplaatsing van zijn functie en wijziging van zijn persoonsgegevens zonder zijn medeweten. De rechtbank verklaarde het beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit gegrond, vernietigde het niet tijdig genomen besluit en verklaarde het bezwaar niet-ontvankelijk omdat geen sprake zou zijn van een besluit tot overplaatsing.
De Centrale Raad van Beroep (CRvB) verklaarde zich onbevoegd voor de persoonsgegevenskwestie en zond het hoger beroep door naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De Afdeling oordeelt dat het bezwaar tegen de verwerking van persoonsgegevens ten onrechte niet-ontvankelijk is verklaard door de rechtbank.
De Afdeling stelt vast dat de wijziging van de kostenplaats in het SAP-systeem een louter administratieve handeling is zonder gevolgen voor de rechtspositie van appellant. Appellant heeft niet verzocht om correctie of wissing van gegevens, waardoor het bezwaar tegen fictieve weigering daartoe niet slaagt.
De Afdeling verklaart het hoger beroep gegrond, vernietigt het deel van de uitspraak dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde en verklaart het bezwaar ongegrond. Deze uitspraak treedt in de plaats van het vernietigde besluit. Het college hoeft geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het bezwaar tegen de verwerking van persoonsgegevens wordt ongegrond verklaard en het deel van de uitspraak dat het bezwaar niet-ontvankelijk verklaarde wordt vernietigd.