ECLI:NL:RVS:2021:1638
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- A.W.M. Bijloos
- D.A. Verburg
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank over bewaring en zicht op uitzetting naar Afghanistan
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid stelde een vreemdeling met Afghaanse nationaliteit in bewaring omdat deze geen rechtmatig verblijf in Nederland had en uitgezet moest worden. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en oordeelde dat het zicht op uitzetting naar Afghanistan ontbrak, waarna de bewaring werd opgeheven. De staatssecretaris stelde hiertegen hoger beroep in.
De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat het zicht op uitzetting ontbrak. De tijdelijke stop op uitzettingen naar Afghanistan was het gevolg van de NAVO-aankondiging en de noodzaak om de werkwijze van de Koninklijke Marechaussee aan te passen. Dit was een tijdelijke belemmering en er was geen reden te twijfelen aan de verwachting dat uitzettingen op korte termijn hervat konden worden.
De Afdeling vernietigde het vonnis van de rechtbank, verklaarde het hoger beroep gegrond, maar wees het beroep alsnog ongegrond omdat er geen andere beroepsgronden waren. Het verzoek om schadevergoeding werd afgewezen en de staatssecretaris hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het hoger beroep van de staatssecretaris wordt gegrond verklaard, het vonnis van de rechtbank vernietigd, maar het beroep alsnog ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.