ECLI:NL:RVS:2020:830
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Afwijzing voorlopige voorziening tegen omgevingsvergunning bouw logiesgebouw arbeidsmigranten
Het college van burgemeester en wethouders van Aalsmeer verleende op 13 maart 2018 een omgevingsvergunning aan JoiN B.V. voor de bouw van een logiesgebouw (short stay) voor arbeidsmigranten, inclusief bijbehorende voorzieningen op het perceel Japanlaan 9 te Aalsmeer. [Verzoekster], gevestigd op hetzelfde bedrijventerrein, verzet zich tegen deze vergunning uit vrees voor beperkingen in haar bedrijfsvoering.
Na een eerdere uitspraak van de rechtbank Amsterdam die het beroep van [verzoekster] ongegrond verklaarde, stelde zij hoger beroep in en verzocht om een voorlopige voorziening om de vergunning te schorsen totdat de bodemprocedure is afgerond. De zitting kon vanwege de coronapandemie niet doorgaan, waarna de voorzieningenrechter op basis van stukken uitspraak deed.
De voorzieningenrechter oordeelde dat de aangevoerde gronden onvoldoende aanleiding geven om aan te nemen dat de vergunning onrechtmatig is of dat het besluit niet in stand zal blijven. Daarbij werd onder meer overwogen dat de vergunning binnen de structuurvisie past, het logiesgebouw niet als woning kan worden aangemerkt, de parkeerbehoefte adequaat is onderzocht en dat de overige bezwaren onvoldoende zwaarwegend zijn.
Gezien het ontbreken van een spoedeisend belang en gegronde gronden werd het verzoek om voorlopige voorziening afgewezen. Tevens werd gewezen op het risico dat vergunninghouders lopen zolang de vergunning niet onherroepelijk is. Een proceskostenveroordeling werd niet toegewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de omgevingsvergunning voor het logiesgebouw wordt afgewezen.