ECLI:NL:RVS:2020:2434
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor lichtmasten ondanks bezwaar zonder belangenafweging
De gemeente Enschede kreeg een omgevingsvergunning voor het plaatsen van 13 lichtmasten en 12 vlaggenmasten op een sportpark. Een nabijwonende appellant maakte bezwaar tegen dit besluit, dat door het college ongegrond werd verklaard. De rechtbank verklaarde het beroep van appellant eveneens ongegrond, stellende dat de aanvraag in overeenstemming was met het bestemmingsplan en dat er geen ruimte was voor een belangenafweging.
Appellant stelde in hoger beroep dat het besluit niet voorzien was van een belangenafweging en dat dit in strijd was met artikel 8 EVRM Pro. De Raad van State overwoog dat het bestemmingsplan onherroepelijk is en dat de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo) bepaalt dat het college alleen kan toetsen aan weigeringsgronden. Omdat deze niet aanwezig waren, moest de vergunning worden verleend. De Raad vond geen aanwijzing voor een niet-gerechtvaardigde of disproportionele inbreuk op artikel 8 EVRM Pro.
Verder klaagde appellant over het ontbreken van een geluidsopname van de zitting, maar de Raad stelde dat de Awb alleen een griffieraantekening voorschrijft en geen geluidsopname vereist is. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: Het hoger beroep wordt ongegrond verklaard en de vergunning wordt bevestigd zonder belangenafweging.