ECLI:NL:RVS:2020:1804
Raad van State
- Hoger beroep
- E. Steendijk
- J.J. van Eck
- J.Th. Drop
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake niet in behandeling nemen asielaanvraag vreemdeling
De staatssecretaris van Justitie en Veiligheid nam op 4 oktober 2018 het besluit om de asielaanvraag van de vreemdeling niet in behandeling te nemen, omdat Roemenië volgens de Dublinverordening verantwoordelijk was. De rechtbank vernietigde dit besluit, omdat de staatssecretaris zich zonder advies van het Bureau Medische Advisering had gebaseerd op de gezondheidstoestand van de vreemdeling.
De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat de rechtbank ten onrechte aannam dat de gezondheidstoestand van de vreemdeling een overdracht aan Roemenië in de weg stond, omdat geen objectieve gegevens dit onderbouwen. De Raad van State gaf de staatssecretaris gelijk en vernietigde de uitspraak van de rechtbank.
De vreemdeling voerde verder aan dat het interstatelijk vertrouwensbeginsel niet toegepast mocht worden vanwege structurele tekortkomingen in Roemenië en dat hij afhankelijk was van familie in Nederland. De Raad van State oordeelde dat deze gronden onvoldoende waren onderbouwd en dat de staatssecretaris terecht geen aanvullende garanties had gevraagd.
Het beroep van de vreemdeling werd ongegrond verklaard, het besluit van 29 november 2019 werd vernietigd en de staatssecretaris hoefde geen proceskosten te vergoeden.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank wordt vernietigd.