ECLI:NL:RVS:2020:1532
Raad van State
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Bevestiging omgevingsvergunning voor woningbouw in afwijking van bestemmingsplan te Arnhem
Het college van burgemeester en wethouders van Arnhem verleende op 17 januari 2019 een omgevingsvergunning voor het bouwen van een woning op een perceel in Arnhem, in afwijking van het geldende bestemmingsplan. De vergunninghouder is eigenaar van het perceel, dat deels bestemd is als 'Wonen' en deels als 'Tuin', zonder bouwvlak. Een omwonende, appellant, stelde beroep in tegen dit besluit.
De rechtbank Gelderland, nader behandeld door de rechtbank Midden-Nederland, verklaarde het beroep ongegrond. Appellant stelde onder meer dat het onderzoek heropend had moeten worden vanwege onjuiste informatie over het aantal bomen op het perceel en dat de woning niet ruimtelijk inpasbaar zou zijn. De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank terecht het onderzoek niet heropende, omdat de vermeende onjuistheid geen aanleiding gaf tot heropening.
Daarnaast werd geoordeeld dat het college binnen de beleidsruimte redelijkerwijs tot het besluit kon komen. De woning past volgens het college en de rechtbank in de bestaande bebouwingsstructuur en het groene karakter van het gebied blijft behouden. Het advies van Buro Waalbrug gaf geen aanleiding tot een ander oordeel. Het hoger beroep werd ongegrond verklaard en de uitspraak van de rechtbank bevestigd.
Uitkomst: De Raad van State bevestigt dat het college de omgevingsvergunning voor het bouwen van de woning terecht heeft verleend.