ECLI:NL:RVS:2019:485
Raad van State
- Hoger beroep
- H.G. Lubberdink
- N. Verheij
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Vernietiging besluit ongeldigverklaring rijbewijs wegens onvoldoende bewijs alcoholmisbruik
Appellant werd op 2 november 2016 aangehouden met een ademalcoholgehalte van 1,84‰, ruim 3,5 keer de wettelijk toegestane hoeveelheid. Het CBR verklaarde zijn rijbewijs ongeldig op grond van een psychiatrisch rapport van Raedts, dat alcoholmisbruik en alcoholtolerantie vaststelde.
De rechtbank oordeelde dat het CBR het rapport terecht als basis gebruikte, ondanks tegenrapport van Kazemier die alcoholtolerantie betwistte. De Afdeling bestuursrechtspraak stelt echter vast dat het rapport van Raedts onvoldoende bewijs levert voor alcoholmisbruik, mede omdat appellant mogelijk een incidenteel hoog alcoholgebruik had en niet structureel tolerant is.
De Afdeling vernietigt daarom het besluit van het CBR en de uitspraak van de rechtbank. Het CBR moet een nieuw besluit nemen, waartegen alleen beroep bij de Afdeling mogelijk is. Tevens wordt het CBR veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het besluit van het CBR tot ongeldigverklaring van het rijbewijs wordt vernietigd wegens onvoldoende bewijs van alcoholmisbruik.