ECLI:NL:RVS:2018:2240
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- E. Helder
- G. van der Wiel
- B.J. Schueler
- Rechtspraak.nl
Bestuurlijke toetsing bestemmingsplannen weginfrastructuur Eindhoven Noordwest, Oirschot en Best
De zaak betreft beroepen tegen drie bestemmingsplannen vastgesteld door de gemeenten Eindhoven, Best en Oirschot voor de herinrichting van de weginfrastructuur in het noordwesten van Eindhoven en omliggende gebieden. De plannen voorzien in aanpassingen en nieuwe wegen, waaronder een ondertunneling van de A2, ter verbetering van de bereikbaarheid en ter ondersteuning van de gebiedsontwikkeling Brainport Park.
Diverse appellanten, waaronder particulieren, bedrijven en een stichting, hebben beroep ingesteld tegen de plannen. De Raad van State heeft eerst de ontvankelijkheid beoordeeld, waarbij het beroep van één appellant tegen het plan Best niet-ontvankelijk werd verklaard wegens het ontbreken van een zienswijze. De stichting werd erkend als belanghebbende vanwege haar statutaire doelstellingen en feitelijke werkzaamheden.
Inhoudelijk zijn de beroepen beoordeeld aan de hand van de beleidsruimte van de gemeenten, de belangenafweging, en de naleving van de wettelijke procedures. De Raad van State oordeelde dat de gemeenten zich redelijkerwijs op het standpunt konden stellen dat de plannen noodzakelijk zijn en dat de belangen van appellanten voldoende zijn meegewogen. De motivering van de plannen, waaronder de keuze voor tracés, geluidsonderzoek en verkeersveiligheid, werd als toereikend beoordeeld.
De Raad van State verklaart het beroep van appellant sub 2 niet-ontvankelijk voor zover gericht tegen het plan Best en verklaart de overige beroepen ongegrond. Er is geen aanleiding voor proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep van appellant sub 2 is niet-ontvankelijk voor zover gericht tegen het plan Best; de overige beroepen zijn ongegrond verklaard.