ECLI:NL:RVS:2018:222
Raad van State
- Eerste aanleg - meervoudig
- W.D.M. van Diepenbeek
- D.J.C. van den Broek
- E.A. Minderhoud
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdheid Raad van State bij beroepen tegen beheerplan Lauwersmeer inzake rietproef en gaswinning
Het beheerplan Lauwersmeer, vastgesteld door verschillende overheden op grond van de Natuurbeschermingswet 1998, betreft het Natura 2000-gebied Lauwersmeer. Diverse appellanten, waaronder bewoners, belangenverenigingen en milieuorganisaties, stelden beroep in tegen onderdelen van het beheerplan, met name tegen het experiment (de rietproef) waarbij de waterstand tijdelijk wordt verhoogd en tegen de beschrijving van oude gaswinningen zonder vergunning.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beoordeelde eerst haar bevoegdheid. Op grond van artikel 39, tweede lid, van de Nbw 1998 is zij slechts bevoegd om te oordelen over beroepen gericht tegen handelingen die expliciet in het beheerplan zijn beschreven als handelingen die de instandhoudingsdoelstellingen niet in gevaar brengen. De rietproef en de permanente waterstandverhoging zijn niet expliciet als zodanig beschreven, waardoor de Afdeling zich onbevoegd verklaarde.
Ook het beroep van de Waddenvereniging tegen de gaswinning werd afgewezen wegens onbevoegdheid, aangezien de gaswinning niet expliciet als niet-in gevaar brengend is beschreven en als vergunningplichtige activiteit apart wordt behandeld. De Afdeling oordeelde dat prejudiciële vragen aan het Hof van Justitie niet nodig zijn. Er werden geen proceskosten toegekend, maar het betaalde griffierecht werd aan appellanten terugbetaald.
Uitkomst: De Afdeling bestuursrechtspraak verklaart zich onbevoegd kennis te nemen van de beroepen tegen het beheerplan Lauwersmeer.