ECLI:NL:RVS:2017:2715
Raad van State
- Hoger beroep
- N. Verheij
- G. van der Wiel
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vernietiging uitspraak rechtbank inzake afwijzing verblijfsvergunning asiel wegens seksuele gerichtheid
De staatssecretaris van Veiligheid en Justitie wees op 20 januari 2016 een aanvraag om een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd af, omdat hij de geloofwaardigheid van de gestelde seksuele gerichtheid van de vreemdeling betwijfelde. De rechtbank verklaarde het beroep van de vreemdeling gegrond en vernietigde het besluit, waarna de staatssecretaris hoger beroep instelde.
De Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State oordeelde dat de rechtbank ten onrechte had geoordeeld dat de staatssecretaris de seksuele gerichtheid niet volgens de Werkinstructie 2015/9 had beoordeeld. De staatssecretaris had wel degelijk de verklaringen van de vreemdeling over bewustwording en zelfacceptatie meegewogen, evenals de gevolgen van de seksuele gerichtheid. Ook was het oordeel over inconsistenties in verklaringen terecht.
De vreemdeling voerde diverse bezwaren aan tegen de beoordeling van de staatssecretaris, waaronder over de geloofwaardigheid van verklaringen en bewijsstukken, maar deze werden door de Afdeling verworpen. Ook het beroep op medische noodsituaties en uitstel van vertrek faalde. De Afdeling verklaarde het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond, vernietigde de uitspraak van de rechtbank en verklaarde het beroep van de vreemdeling ongegrond.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de verblijfsvergunning gehandhaafd.