ECLI:NL:RBDHA:2019:6446
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- B.F.Th. de Roos
- Rechtspraak.nl
Afwijzing opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid homoseksuele gerichtheid en onveilige situatie Afghanistan
Eiser, van Afghaanse nationaliteit, diende in november 2015 een asielaanvraag in op grond van zijn homoseksuele gerichtheid, welke werd afgewezen en in hoger beroep bevestigd. In september 2018 diende hij een opvolgende asielaanvraag in, die werd afgewezen als kennelijk ongegrond vanwege ongeloofwaardigheid van zijn seksuele gerichtheid.
De rechtbank oordeelt dat eiser onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat zijn situatie is veranderd en dat zijn homoseksuele gerichtheid nog steeds niet geloofwaardig is. De verklaring van het COC en andere ondersteunende documenten bieden onvoldoende bewijs. Verweerder heeft de procedure zorgvuldig uitgevoerd en eiser voldoende gelegenheid gegeven zijn verhaal toe te lichten.
Daarnaast is geoordeeld dat de veiligheidssituatie in het district Karabach in de provincie Ghazni in Afghanistan geen uitzonderlijke situatie vormt die bescherming rechtvaardigt. Verwijzingen naar andere uitspraken en landeninformatie zijn onvoldoende relevant voor de specifieke situatie van eiser.
Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling opgelegd. Tegen deze uitspraak staat hoger beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: De rechtbank wijst het beroep af en bevestigt de afwijzing van de opvolgende asielaanvraag wegens ongeloofwaardigheid en onvoldoende uitzonderlijke veiligheidssituatie.