ECLI:NL:RVS:2017:2053
Raad van State
- Hoger beroep
- M.G.J. Parkins-de Vin
- H. Troostwijk
- J.J. van Eck
- Rechtspraak.nl
Vaststelling veilig land van herkomst en afwijzing asielaanvraag Algerijnse vreemdeling
De vreemdeling, met de Algerijnse nationaliteit, had een asielaanvraag ingediend op grond van bedreigingen door de familie van een meisje na een buitenechtelijke relatie. De staatssecretaris wees de aanvraag af omdat Algerije als veilig land van herkomst was aangewezen en de vreemdeling onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat dit voor hem niet veilig was.
De rechtbank vernietigde dit besluit omdat de staatssecretaris volgens haar onvoldoende de geloofwaardigheid van het asielrelaas had beoordeeld en onvoldoende had gemotiveerd waarom Algerije in de specifieke omstandigheden van de vreemdeling als veilig kon worden beschouwd. De staatssecretaris stelde in hoger beroep dat hij wel degelijk alle verklaringen had betrokken en dat het relaas niet leidde tot een onveilige situatie.
De Raad van State oordeelde dat de staatssecretaris de feiten en omstandigheden geloofwaardig had geacht en dat hij de specifieke omstandigheden van de vreemdeling voldoende had onderzocht en gemotiveerd. Daarom werd het hoger beroep van de staatssecretaris gegrond verklaard, de uitspraak van de rechtbank vernietigd en het beroep van de vreemdeling ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep van de vreemdeling wordt ongegrond verklaard en het besluit tot afwijzing van de asielaanvraag blijft in stand.