ECLI:NL:RVS:2017:1189
Raad van State
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Th.C. van Sloten
- Rechtspraak.nl
Ongegrond beroep tegen kosten bestuursdwang wegens onjuist aanbieden huishoudelijk afval
Het college van burgemeester en wethouders van Utrecht heeft op 13 maart 2016 spoedeisende bestuursdwang toegepast door een huisvuilzak te verwijderen die naast een ondergrondse restafvalcontainer (ORAC) was geplaatst. De huisvuilzak was van appellant, die deze in strijd met de Afvalstoffenverordening van Utrecht had aangeboden. Het college stelde de kosten van bestuursdwang (€ 70,00) op appellant te verhalen.
Appellant voerde aan dat hij de ORAC niet kon openen en daarom zijn afvalzak naast de container had geplaatst. Ook stelde hij dat er geen stickers waren die het plaatsen van afval naast de container verboden. De Afdeling bestuursrechtspraak oordeelde dat het niet kunnen openen van de ORAC appellant niet ontslaat van zijn verplichting om afval op de juiste wijze aan te bieden en dat appellant wist dat het verboden was afval naast de container te plaatsen.
De Afdeling concludeerde dat het college de kosten terecht op appellant heeft verhaald en verklaarde het beroep ongegrond. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van appellant tegen het opleggen van bestuursdwangkosten wordt ongegrond verklaard.